Dat dit mijn nieuwe leven is
Ik slijptol mij een weg door de berg.
Adem gruis en stof en weinig zuurstof in.
Maar ik kan het en kom waar ik wil zijn.
Het water blinkt anders dan ik het ken.
Het geluid van de stilte is doordringender.
Ik lik het zweet van mijn lippen en glimlach.
Wat zijn die bizons achter de bergen toch mooi.
Die oceaan waar ik eindeloos naar kan kijken.
En dat ik de taal van de natuur zo goed versta.
Op mijn tong smaakt de wind naar winter.
Hoewel de walrussen en ijsbergen ver weg zijn.
Tenzij de tropenzon al het ijs heeft verorberd.
Ik denk dat ik de laatste zeeman ben hier.
Laatste jager die nooit een dier heeft gedood.
Ballonvaarder die zonder ballon de lucht in ging.
Dat mijn nieuwe leven zich hier zal afspelen.
In de ruimte waar ik een huis van heb gemaakt.
Ver van de berg die ik achter mij heb gedicht.
Jacobus Bos
1943
Jacobus Bos debuteerde als dichter in 1987 met Mijn blauwe evenbeeld en deze bundel werd genomineerd voor de eerste C. Buddingh'-prijs. Sinds Wie vliegt die vliegt (2002) publiceert hij zijn poëzie bij Wereldbibliotheek.