Vind je een steen op de weg
hoger dan jezelf, je kunt er niet langs
een steen die er gisteren niet lag:
praat tegen hem. Bewonder
zijn kracht en standvastigheid
roem zijn moed, leg uit hoe klein je bent
vraag hem dan opzij te gaan.
Veel stenen zijn vriendelijk
en voor rede vatbaar.
Dreig daarom liever niet maar
leg je op de grond, krom je
lichaam om de steen.
Er is gruis in je bloed, hij voelt het.
Hij spitst zijn oren.
Uit de kiezels in je botten
komen de woorden.
Uit: “Misschien is water van dun hout”
Stichting Unión Latina, 2007
Marco Nijmeijer
9 september 1964, Beverwijk
'Wat is poëzie? Ik vind dat altijd een moeilijke vraag. Zo weinig als ik de laatste tijd schrijf en lees, ben ik ook niet in de beste positie hier een antwoord op te formuleren. In ieder geval is het dit: het gelukzalige voorovergebogen zitten over mijn laptop op zoek naar woorden. Op zoek naar wat het gedicht wil vertellen. In logische en consistente bewoordingen, zodat er een eenheid ontstaat. Dichten is het gedicht helpen zijn vorm te vinden. Een herkenbaar bouwwerkje te worden dat een onzichtbare plaats inneemt tussen miljoenen andere bouwwerkjes uit de vaardige handen van andere dichters. Dichten is vergeefs. Er is bijna niemand die mij bij leven leest, er zal niemand zijn die het daarna leest. Maar het is niet vergeefser dan de groet aan een bekende op straat, het verloren kentekenbewijs van de auto, de eerste baby van een nieuw jaar. En de immensheid van dat vergeefse, dat is dan weer poëzie,' aldus Marco Nijmeijer.